‘Ich weiß nicht was soll es bedeuten’

Kunst en cultuur spelen deze afgelopen dagen, net als verleden week trouwens, bij mij weer een hoofdrol. Ik bezocht namelijk verschillende musea in de Hessische stad Kassel, waaronder oude schilderkunst in het prachtige Schloß Wilhelmshöhe, gelegen aan de rand van het centrum van Kassel, waar zich een, bijna verborgen, topcollectie bevindt; een overdadige verscheidenheid aan werken van Rembrandt waaronder een schitterende portret van zijn vrouw Saskia, maar ook schitterende schilderijen van Frans Hals, waarbij zijn portret van schertsfiguur ‘Pekelhaering’ veel vragen oproept. Alleen al voor de Gemäldegalerie in Schloß Wilhelmshöhe zou je een keer naar Kassel moeten gaan.

Echter de hoofdreden dat ik mij in Kassel bevond was een belangrijke kunstmanifestatie die om de vijf jaar plaatsvindt genaamd ‘De Documenta’. 

Op talrijke plekken in de stad zijn 100 dagen lang deze zomer verschillende expositieruimtes ingericht die allemaal in het teken stonden van de hedendaagse Moderne Kunst. 


Alhoewel het best wel lastig voor mij was om alle conceptuele kunstwerken van deze versie van‘De Documenta’ op de juiste manier te interpreteren, genoot ik verleden week samen met de deelnemers van de KUNSTSTAD-reis met volle teugen van alles wat er tijdens deze bijzondere kunstmanifestatie geëxposeerd werd. 

En alsof alle kunst in Kassel nog niet genoeg was, hadden wij bedacht dat we op de vierde (tevens laatste) dag van de KUNSTSTAD-reis langs Düsseldorf zouden gaan en daar een uitgebreide ‘stop’ zouden maken. Ik vond het namelijk wel bijzonder om tijdens een reis naar Kassel waarin kunst zo’n grote hoofdrol speelt nog een aantal extra zaken te bezoeken, zoals twee musea in Düsseldorf,  en op deze manier onze kunsttrip nog meer compleet te maken.

Allereerst gingen we in Düsseldorf de indrukwekkende collectie van Museum K20 bekijken. In dit museumgebouw worden met name kunstwerken uit de eerste helft van de twintigste eeuw tentoongesteld. Zo hangen hier kubistische schilderijen van Pablo Picasso en zijn collega George Bracque, expressionistische schilderijen van Franz Marc en Kandinsky. Eén van de topwerken is onder meer ‘De Nachtmerrie’ van Max Beckmann en je vind hier enkele opvallende doeken van onze eigen Piet Mondriaan.
We eindigden de middag in ‘Het Ständehaus’ dat tegenwoordig onder de naam Museum K21 de hedendaagse kunst van de Sammlung Nordrhein-Westfalen toont. Het meest onder de indruk waren ik en mijn mede reisgenoten van een enorm ‘ervaringskunstwerk’ van de Argentijnse kunstenaar Tomas Saraceno. Hij had gigantische netten gespannen onder de glazen koepel van het indrukwekkende atrium van het imposante museumgebouw. 

Het grote kunstwerk, dat iets weg had van een uit de kluiten gewassen spinnenweb, was op zich al een bezienswaardigheid, maar het was nog opzienbarender om te zien dat er een aantal moedige museumbezoekers over deze netten heen liep. Dit was echt iets voor waaghalzen want je balanceert zo’n 25 à 30 meter in de lucht en waant je bijna letterlijk als een soort spin in een web.


Toen de enthousiaste KUNSTSTAD-reisgroep zondagmiddag uit Düsselsdorf vertrok en begeleid door Judith naar Breukelen afreisde, bleef ik hier nog even. Ik wandelde met mijn dochters hierna nog wat door de binnenstad van deze mooie stad aan de Rijn en kwam op een gegeven moment in een parkje een enorm bronzen standbeeld tegen. Het was een groot ‘dodenmasker’ van Heinrich Heine, dat zogenaamd in ‘stukken gehakt’ bleek te zijn. Ik weet dat Heine een beroemde schrijver is die in 1797 geboren was in Düsseldorf en dat hij daarom op allerlei manieren geëerd wordt in zijn geboorte stad. Bij het zien van de genoemde sculptuur schoot mijn een deel van een gedicht van Heine te binnen dat ik ooit nog eens geleerd had tijdens mijn middelbare schooltijd; “Ich weiß nicht, was soll es bedeuten, Daß ich so traurig bin, Ein Märchen aus uralten Zeiten, Das kommt mir nicht aus dem Sinn.” Dit beroemde gedicht was zelfs ooit tot een liedje met de naam ‘Die Lorelei’ verheven en het wijsje hiervan bleef vervolgens de rest van de middag in mijn hoofd hangen. De dichter Heinrich Heine kreeg tevens nog eens uitgebreid aandacht op de verdieping van het hotel waar ik in Düsseldorf verbleef, want bij de uitgang van de liften hingen schilderijen met zijn beeltenis erop. Ook op mijn Düsseldorfse hotelkamer keken portretten van Heine mij aan en ik was weer totaal in ‘the mood’ voor de negentiende eeuwse Duitse literatuur.


Terwijl ik mijn bovenstaande verhaal afrond kijk ik inmiddels al weer uit over de Moorse vestiging in Málaga en denk terug aan de roerige en bijzondere (kunst)geschiedenis van Duitsland en verheug me al weer op mijn volgende bezoek aan dit land, want we gaan namelijk eind augustus naar München.

 

Marcel Verhoeven, Europakenner

verhoeven@kunststad.nl


Klik op de afbeeldingen in het verhaal om ze te vergroten.